Column Foekje Dijk: 'Hoop doet leven'

Assen

Hoop doet leven

ASSEN - Sla een willekeurig woordenboek open en vele zegswijzen, met het woord ‘hoop’ daarin, verschijnen. Kennelijk is ‘hopen’ een essentieel onderdeel van het menselijk bestaan. Je hoopt, dat de repetitie waarvoor je je uiterste best hebt gedaan, een dikke voldoende oplevert. Je hoopt, dat je ooit een geliefde zult treffen met wie je oud mag worden. Je hoopt dat de ernstig zieke oma niet teveel hoeft te lijden. Je hoopt, dat het een mooie winter gaat worden, want dan komt er misschien eindelijk weer eens een Elfstedentocht. Je hoopt dat er nu eens een einde aan oorlog en geweld zal komen. Je hoopt … Wat kan er op die stippeltjes wel allemaal niet komen te staan! Ieder mens kan zonder al te veel moeite haar of zijn eigen hooplijst samenstellen. Ja, hoop doet leven. In moeilijke tijden houdt de hoop een mens op de been. Met name in de huidige wereld, waarin zoveel dingen dreigen mis te gaan, is de ‘hoop op beter’ in vele harten gegrift. De zo genoemde Dikke van Dale geeft als definitie van het woord hoop: ‘Hoop is de wensende verwachting dat iets goeds, dat nog onzeker is en in de toekomst ligt, werkelijkheid zal worden’. Het is weliswaar een zin die minstens twee keer gelezen moet worden, maar het geeft wel op compacte wijze de kern van hopen weer. Het lijkt er op dat hoop en verlangen in elkaars verlengde liggen, of beogen zij soms ook wel eens hetzelfde? Zonder hoop en zonder verlangen is er geen leven mogelijk. Daarin is dan meteen het belang van onze geloofsgemeenschappen vervat: wanneer iemand ‘hopeloos’ wordt, dat dan de ander die verloren hoop verder draagt. In een diep doorvoeld verlangen, dat de hopeloze ooit weer eens hoopvol zal worden! Foekje Dijk, Vrijzinnig Assen.

Auteur

Albert-Jan Garama