Joodse Jack bracht eerste levensjaren door in onderduik

Assen

Jack Aldewereld vertelt 25 september in het museum van Kamp Westerbork over zijn ervaringen tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.

Jack is geboren op 2 maart 1943 in de Joodse wijk in Amsterdam. Door de zogenaamde “N.V. groep”, een verzetsgroep, wordt Jack naar Zuid Limburg gesmokkeld. De pasgeboren Jack groeit op in Brunssum bij zijn pleegouders Henk en Cato Muis. Jack Aldewereld is de jongste zoon van het Joodse echtpaar Mozes Aldewereld en Schoontje Colmans. In dezelfde maand waarin Jack is geboren worden zijn ouders en broers bij een razzia opgepakt, om via de Hollandsche Schouwburg te worden gedeporteerd naar kamp Westerbork. Zus Fanny, die dan 6 jaar oud is, wordt door de buren naar een onderduikadres gebracht. Baby Jack wordt door het verzet , waarschijnlijk via de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg, weggehaald en ondergebracht in een pleeggezin. Om veiligheidsredenen krijgt Jack een schuilnaam: Henk Muis. Na de bevrijding blijft ‘Henk’ bij zijn pleegouders wonen en hij weet niet beter dan dat hij hun kind is. Wanneer hij op straat door buurtkinderen wordt uitgescholden voor Jood, begint ‘Henk’ langzaam te beseffen dat er iets met hem aan de hand is. Zodra hij meer te weten komt over zijn Joodse achtergrond, maakt zijn onbezorgde jeugd plaats voor veel onbeantwoorde vragen. Het blijkt dat vader, moeder, en beide broers in 1943 al zijn vermoord in Sobibor en Auschwitz. Alleen Jack en Fanny hebben de oorlog overleefd. Jack: "Als niemand je iets vertellen kan of wil, dan moet je zelf gaan onderzoeken. En dat heb ik gedaan”. De laatste jaren bezoekt hij middelbare scholen om jongeren te vertellen over zijn verleden. Jack heeft één missie: zijn verhaal delen. Jack Aldewereld vertelt over zijn oorlogservaringen op zondag 25 september 2016 om 14.00 uur in het museum van Kamp Westerbork. Na de lezing beantwoordt Jack graag vragen uit het publiek. Toegang tot de lezing is bij de entreeprijs van het museum inbegrepen.

Auteur

Albert-Jan Garama