Joost Kooistra: Sydney 2000 was het walhalla

Assen

In de aanloop naar de Olympische Spelen portretteert het Gezinsblad wekelijks een oud of toekomstige Olympiër. Deze week 97-voudig volleybalinternational Joost Kooistra.

"De Olympische Spelen waren het walhalla. Het waren de Olympische Spelen van 2000 in Sydney. Aan de andere kant van de wereld. Ik keek mijn ogen uit, maar het was geen toeristisch reisje. De ervaren mannen namen me op sleeptouw. We hebben het goed gedaan. Tot de kwartfinale. Toen verloren we van Joegoslavië, de latere Olympisch Kampioen. We verloren in vijf sets, terwijl we in de vijfde set nog voor stonden. Als we die hadden gewonnen hadden we nog twee wedstrijden voor een medaille gehad. Joegoslavië won de halve finale en de finale beide met 3-0. Wij wonnen de wedstrijden voor de vijfde tot achtste plaats heel gemakkelijk. Dat was zuur. De wedstrijd tegen Joegoslavië te vroeg.” "Pas achteraf besef je hoe dichtbij we waren. De Olympische Spelen gingen als een roes aan mij voorbij, maar de herinneringen blijven me altijd bij. Een vijfde plek, een Olympische Oorkonde opleverde, het mooie Olympische Dorp, eten in het restaurant naast de gezusters Williams, in het fitnesshonk met Patrick Rafter. Pieter van de Hoogenband en Inge de Bruijn die het fantastisch deden. De laatste dagen hebben we flink gefeest in het Holland Heineken House. Dat was gaaf! Het bleek ook dat de waterpolodames en de volleybalheren de grootste feestbeesten van de Oranje-equipe waren. Dat soort dingen blijven mij altijd bij.” "Sportief gezien waren de Olympische Spelen mijn hoogtepunt. De Spelen waren een beloning voor drie wedstrijden die we voor kwalificatie in Frankrijk moesten spelen met als hoogtepunt de finale tegen het gastland in Montpellier. Dat was voor mij de meest beladen wedstrijd die ik gespeeld heb. Dat hele weekend in Frankrijk had alles in zich. Of we gaan op vakantie of we gaan naar Sydney. Het was koude oorlog tot en met. Als wij moesten trainen deed het licht het bijvoorbeeld niet, en onze douches waren koud. Dat zat allemaal niet mee, maar dat maakte ons juist zo sterk. In de Worldleague hadden we nog van Frankrijk verloren maar deze finale wonnen we met 3-1. Wij gingen naar Sydney, Frankrijk niet. Adieu Les Bleus! Vreugde en verdriet lagen zo dicht bij elkaar. Ik zag grote sterren met tranen in de ogen van het veld lopen. Martin van der Horst, 2,14 meter lang, liep vijftig meter juichend met mij op zijn nek door de sporthal.” "Mijn ouders hebben alles bewaard. Twee fotoboeken met foto’s en krantenknipsels. Af en toe bekijk ik ze nog. Mijn eigen kinderen beginnen nu te begrijpen wat het betekent dat ik voor Oranje mocht spelen en wat de Olympische Spelen zijn. Eerst was ik gewoon pappa, en dachten ze dat iedereen dat kon.“ "De Spelen gingen als een roes aan mij voorbij. Eerst waren we blij dat we de poulefase hadden overleeft. Je leeft bij de dag. Na het verlies van de kwartfinale in Sydney was ik zwaar teleurgesteld. Ik dacht misschien komt er nog wel een Olympische Spelen voor mij, maar die kwam er niet. Ik heb 97 interlands voor Nederland mogen spelen. Uiteindelijk werd ik niet meer voor Oranje geselecteerd.” "Ik ben nu spelersmakelaar. Ik ben onder andere manager van Nicole Koolhaas die met de Oranjedames naar Rio gaat. De komende Spelen volg ik dan ook met extra belangstelling. Ook omdat Reinder Nummerdor voor de vijfde keer naar de Spelen gaat en met het beachvolleybal een gooi naar een medaille. Reinder was er in 2000 ook bij en is een goede vriend geworden.” "Volleybal zit in mijn lijf en in mijn hart. Dat zit er in en gaat er nooit uit, maar uiteindelijk kom je wel in een fase dat plezier de overhand neemt op presteren. Op mijn 34e ben ik gestopt met volleybal. Af en toe geef ik nog volleybalclinics. Deze zomer geef ik training bij de Asser Beachvolleybal Club. Offers hoef ik niet meer te maken, maar ja, je hebt makkelijk praten als je je doelen hebt gehaald.” Maurice Vos

Auteur

Arjan Brondijk