Een unieke kans

ASSEN

Komende zondag staat Assenaar Michel Visser aan de start van de Dutch Ducati Challenge, een bijprogramma van de TT.

ASSEN - Trots straalt uit zijn ogen. Een grote glimlach op zijn gezicht. ,,Het is een droom die werkelijkheid wordt”, vertelt hij glunderend. Zondag staat hij aan de start van de Dutch Ducatie Challenge in het bijprogramma van de TT. Michel Visser is 37 jaar en heeft veel meegemaakt. Hij werd geboren met een heupafwijking. Het weerhield hem er niet van om te gaan motorrijden. Vijfentwintig jaar lang reed hij op hoog niveau motorcross. In 2007 werd hij Nederlands kampioen in de MX3-klasse. Naast motorcross reed Visser enduro, een vorm van lange afstand motorcross. In 2008 werd hij ook in die discipline Nederlands kampioen. Tien jaar lang kwam hij uit voor het Nederlands enduroteam. Tot het lichamelijk niet meer ging. ,,Ik heb jarenlang zoveel pijn gehad dat alleen de medicatie mij staande hield. Lange tijd heb ik achter een heupoperatie aangezeten, maar ik kwam daar niet voor in aanmerking. Ik was te jong en volgens de arts had ik ook geen last. Ik was zelfstandige, had een eigen bouwbedrijf én ik deed aan motorcross. Dus in zijn ogen had ik geen pijn. Maar de motorsport was een uitlaatklep voor mij. De pijn verbeet ik uit liefde voor de sport. Als het niet ging vrat ik wel een extra pilletje diclofenac.” In 2010 ging het echt niet meer. Pa Visser zag hoeveel pijn zijn zoon had en zei: ‘het is gebeurd.’ Michel had er vrede mee. In datzelfde jaar werd wel groen licht gegeven voor een heupoperatie. ,,Toch twijfelde ik nog. Ik vroeg of ik wel mocht motorrijden met een nieuwe heup. Omdat ik nog jong was mocht ik alles. Dat bood perspectief. Op oudejaarsdag 2010 ben ik geopereerd. Ik werd pijnvrij wakker na de operatie. Dat was een genot en na vijf maanden revalidatie kon ik alles weer.” Inmiddels is het 2012 en krijgt Visser via Gebben Motoren de kans om een dag te racen op het TT-circuit. Op een straatmotor, een Suzuki 750cc, met en paar kleine aanpassingen. ,,Ik was gelijk om. Ik weet nog dat ik pa aankeek en zei: Hadden we dit maar tien jaar eerder gedaan. Visser nam de motor over, haalde zijn racelicentie, en startte in de OW-Cup 1000. ,,Het begon eigenlijk als grap, maar de eerste race eindigde ik meteen op het podium.” En dat was niet het enige succes. Visser werd dat jaar Nederlands kampioen in die 1000cc klasse. Met een 750cc Suzuki.” Vervolgens wil Visser een stapje hogerop maar hij twijfelt ook. Hij heeft zijn vrouw beloofd dat het niet meer zo serieus zou worden als met de motorcross en enduro. Ze hebben inmiddels ook een dochtertje. Toch wordt besloten een zwaardere motor aan te schaffen. ,,Maar toen werd mijn schoonvader ziek en kwam er behoorlijk wat op ons af.” Visser racete dat jaar niet meer en het jaar daarop ook niet. Hij is inmiddels 35 en zijn racecarrière lijkt voorbij, maar het bloed - of moet ik zeggen de olie? - kruipt waar het niet gaan kan. Inmiddels heeft hij toch weer de motorhandschoenen opgepakt. Dit seizoen komt hij uit in de OW ProCup 1000. ,,Twee weken voor de start van het seizoen hebben we de knoop doorgehakt en weer een motor aangeschaft. Een ding stond nog op het verlanglijstje van de Nederlands Kampioen in drie verschillende motordisciplines: de TT. De Assenaar ging altijd naar de TT, als publiek. Hij was aanwezig bij elke motorevenement op het circuit. Vorige week werd hij gebeld. Of hij als gastrijder mee wil rijden met de Dutch Ducati Challenge, een bijprogramma van de TT. Uiteraard. Een droom die werkelijkheid wordt. ,,Ik ben volgens mij de enige coureur in Nederland die kampioen is geweest in de motorcross, de enduro en de wegrace. Toen ik vijf jaar geleden stopte met crossen had ik niet durven dromen om nog eens op de startgrid tijden de TT te staat. Ja, mijn vrouw vind het prachtig. Ze denkt wel eens: dit is niet wat we afgesproken hebben, maar ze ziet ook hoe blij ik ben. Het is een unieke kans.” ,,Ik heb geen idee wat ik ervan kan verwachten. Ik rijd op een beschikbaar gestelde motor. Ik kan twee keer 35 minuten trainen en dan de race. Ach, meedoen is belangrijker dan winnen. De Olympische gedachte hè. Ik moet ook zorgen dat ik de motor weer heel aan de finish breng, maar als ik het vizier naar beneden klap, en de motor voelt goed. Je weet het nooit.” Maurice Vos Foto Maurice Vos

Auteur

Albert-Jan Garama