Schrijver Jan Brokken naar Borger in de Boekenweek

BORGER

Schrijver en ‘verteller van formaat’ Jan Brokken is 15 maart te gast in het Hunzehuys in Borger. De Boekenweekmeeting wordt gezamenlijk georganiseerd door Bibliotheek Borger-Odoorn en Bibliotheek Aa en Hunze.

De Boekenweek vindt plaats van zaterdag 12 maart tot en met zondag 20 maart en heeft als thema ‘Duitsland’, onder het motto: ‘Was ich nog zu sagen hätte’. Jan Brokken (1949) is schrijver van romans, reisverhalen en literaire non-fictie. Hij debuteerde met De provincie en schreef o.a. De regenvogel,De blinde passagiers, de droevige kampioen, Mijn kleine waanzin, Waarom elf Antillianen knielen voor het hart van Chopin en In het huis van de dichter. Veel van zijn romans zijn in diverse talen vertaald en verfilmd. Als schrijver verwierf hij internationale roem – The New York Times prees Jungle Rudy als een meesterwerk van verhalende non-fictie. Met Baltische zielen schreef hij een baan brekend en grensverleggend boek, met De Vergelding bereikte hij een breed en groot publiek. Met De Kozakkentuindat in oktober 2015 verscheen, bewijst hij zich opnieuw als een verteller van formaat. Het eerste deel van de avond is gereserveerd voor de presentatie van Jan Brokken. Na de pauze wordt Jan Brokken geïnterviewd. Tijdens de pauze kunnen belangstellenden boeken kopen bij de stand van Boekhandel Bruna en deze laten signeren. Zowel Bibliotheek Borger-Odoorn als ook Bibliotheek Aa en Hunze zijn erg blij dat een aantal bedrijven in de regio de Boekenweekactiviteit mede mogelijk hebben gemaakt. De presentatie begint om 20.00 uur (zaal open vanaf 19.30 uur). Toegangskaarten zijn in de voorverkoop nu al verkrijgbaar in de Bibliotheek in Annen, Borger, Gasselternijveen, Gieten, Nieuw Buinen, Odoorn, Rolde en Valthermond. De toegangsprijs is € 10,00. Voor bibliotheekleden geldt een korting en is de toegang €7,50. De kaarten die aan de zaal gekocht worden, zijn drie euro duurder, respectievelijk €13,00 en voor bibliotheekleden €10,50. Zie ook www.bibliotheekrolde.nl.

Auteur

Albert-Jan Garama