Weemoed en dankbaarheid

ASSEN

Het was de allerlaatste schaatstoertocht op het ijs van de Bonte Wever. Na bijna veertig jaar stopt een traditie: ,,Zo jammer.”

ASSEN - ,,Zo, nu nog even de medaille ophalen”, zegt de Klaas Stelwagen terwijl hij zijn schaatsen droog wrijft en zijn kleren in zijn tas stopt. ,,Onze wc hangt vol met medailles.” De 62-jarige Groninger doet al twintig jaar mee met de schaatstoertochten in Assen. Elk jaar vier tochten. Zo ook afgelopen weekend. De allerlaatste. Zonder ijsbaan geen schaatstoertochten. Na dit seizoen sluit de ijsbaan in Assen definitief haar deuren. Weemoed, teleurstelling en frustratie zijn zomaar wat emoties die deze avond opspelen. ,,Dat de ijsbaan destijds verkocht is, was de start van de ondergang”, meent Gerben de Jong, voorzitter van de technische commissie van het gewest Drenthe, ,,De nieuwe eigenaar heeft andere belangen. De ijsbaan hing er maar een beetje bij. Iedereen voelde dit aankomen. Het is een verarming van de schaatssport.” Bijna 40 jaar organiseerde De Jong de schaatstoertochten op de Asser ijsbaan. ,,We hebben wel eens duizend man aan de start gehad”. In 1985 organiseerde De Jong een alternatieve Elfstedentocht. Twee maand later werd de echte tocht der tochten alsnog verreden. Maar naast de negatieve emoties leeft ook dankbaarheid. Dankbaarheid voor de alle jaren dat de toertochten werden georganiseerd. Op vijf ronden voor het einde wordt de tocht stil gelegd om de betrokkenen, onder andere voorzitter De Jong en penningmeester van het eerste uur Jantje Tienkamp-Venema, te bedanken. Lovende woorden, en een bos bloemen. Het is voor Jantje Tienkamp de tweede bos die zij in ontvangst neemt. Ook Klaas Stelwagen had als dank een bos rozen meegebracht, vertelt zijn vrouw Marie: ,,Voor de drie dames die altijd de inschrijving regelden. Ze waren altijd supervriendelijk.” Marie Stelwagen is er deze laatste keer bij om haar man te zien zwoegen en genieten van de laatste toertocht. ,,En om het te vereeuwigen”, zegt ze met haar fotocamera in de aanslag. Hoe het verder moet is onduidelijk. De Stelwagens gaan terug naar Groningen nadat ze hun beker (geen medaille, voor elke vierde tocht per seizoen ontvang je een beker) hebben opgehaald. ,,Maar in Groningen wordt dit niet georganiseerd. Het is wel geprobeerd maar het komt niet van de grond.” Stelwagen zal zijn rondjes op de woensdagmorgen blijven rijden. Recreatief, niet georganiseerd, en zal nog vaak terugdenken aan de toertochten in Assen, aan de sfeer, het sociale aspect, de gezelligheid, het met elkaar schaatsen, en het plezier. Elke keer als hij naar het toilet gaat ziet hij ze hangen. De medailles, van twintig jaar geleden, maar ook van afgelopen seizoen. ,,Het was een traditie”, zegt Stelwagens vrouw Marie, ,,Het is zo jammer dat dit stopt. Ook voor mijn man. Hij kan het nog zo goed.” Maurice Vos Foto Maurice Vos

Auteur

Albert-Jan Garama